
Er zijn veel infectieziekten die mensen op elkaar kunnen overbrengen. Ook dieren kunnen infectieziekten op elkaar overbrengen. Een klein deel van de infectieziekten van dieren is besmettelijk voor de mens. Dat zijn de zoönosen.
Ook voedsel kan besmet zijn met allerlei soorten ziekteverwekkers. Vaak zijn deze afkomstig van andere, zieke mensen. Maar soms besmetten ziekteverwekkers van dieren ons voedsel. Ook dat zijn zoönosen.
Zoönosen in Nederland
De meeste ziekten bij dieren zijn niet besmettelijk voor de mens. In Nederland heersen relatief weinig ziekten die je van dieren kunt krijgen. In Zuid-Europese en andere verre landen is dat anders. Daar komen zoönosen vaker voor. In Nederland is veel controle op onze dieren en ons voedsel. Ook dankzij intensieve bestrijdingsprogramma’s is Nederland nu vrij van een aantal ziekten.
Steeds meer zoönosen?
Helaas, zolang er dieren zijn, zullen er ook ziekten zijn die we van ze kunnen krijgen. Er kunnen zelfs nieuwe ziekten bijkomen. De oorzaken daarvan zijn:
Het klimaat verandert. Door de opwarming kunnen vectoren (transporteurs, die ziekten van dieren naar mensen overbrengen), zich vestigen en uitbreiden in Nederland. Voorheen was het in ons land te koud voor die vectoren (muggen, teken, vliegen) om te overleven.
Actuele informatie over Q-koorts is aanwezig op de
site van het rivm.
Veel informatie over zoonosen vindt u op:
Vademecum zoonosen en Staat van zoonosen 2009 is te bestellen bij het RIVM
